Vertellinghe ter lering ende wysheidt

In de Kempen  leefde er eens een jonge, sterke haas. Roodkop - omwille van zijn prachtige glanzende vacht- was de trots van zijn streek. Talloze dieren hadden al met hem geduelleerd in handigheid en snelheid. Maar of het nu een beer, panter of een bulldog was: telkens was de haas hen te vlug af.  Geen wonder dat Roodkop overal op uitbundige wijze werd gevierd.


Een heel eind verder in een ander land woonde een  zwarte schildpad, oud maar heel geslepen. De schildpad heette (Ver)Steegje omdat  hij in zijn stad aan het water elke paadje, bruggetje of poortje kende. Dat leverde hem ondanks zijn sloomheid heel wat  winst. Op een dag nodigde Steegje de Kempense haas uit voor een koers. 'Die haas ziet  er toch wel wat welgedaan en hovaardig uit',  dacht Steegje. 'Misscchien is dat mijn kans'.


De twee dieren zouden drie rondjes maken om de overwinnaar te kennen. Bij de start stoof Roodkop weg. Amper was hij vertrokken of de haas bespeurde Steegje van geen kant meer. Roodkop besloot om even te genieten van de prachtige gezichten in de stad van Steegje: een mager bruggetje, herenwoningen... een koninklijk paleis zelfs. 'Oei, daar is de pad alweer,' schrok Roodkop en hij zette het snel weer op een lopen. De zwarte schildpad leek geen partij voor de haas. Omdat hij toch wat rust kon gebruiken, zette Roodkop zich opnieuw even aan de kant voor een hazenslaapje. Op zijn bankje vielen zijn ogen toe.  Toen Steegje hem nog in de eerste ronde voorbij kroop, droomde de haas net van blinkende bekers en triomfen in verre landen.   


De oude schildpad werkte zich uit de naad. Hier en daar profiteerde de slimmerd wel van een doorsteekje op de route maar vooral zijn inzet oogste lof van iedereen. Toen Roodkop eindelijk wakker schoot, was de schildpad  dan ook al op vijf puckworpen (*) van de meet. De Kempense haas begon te rennen voor zijn leven. Dichter en dichter naderde hij de pad maar met nog één puckworp voor de boeg, ging Steegje als eerste over de meet. De haas weende tranen met tuiten maar was tegelijk blij met de les die de schildpad hem leerde. 'Nooit zou hij nog in slaap vallen op zo'n gerieflijk bankje.'   

(*) Universele lengtemaat op het ijs